Granada

Granada is een van de grootste steden van Zuid Spanje, gelegen aan de voet van de Sierra Nevada. Het gebied van Granada, waartoe ook Malaga en Almeria behoren, bleef in Moorse handen tot 1492, vandaar dat in dit gedeelte van Spanje nog zoveel Moorse invloeden te zien zijn. 
Wie Granada zegt, zegt meteen Alhambra. Hoewel Granada zelf ook zeker de moeite van een uitgebreid toeristisch bezoek waard is, komen de vele duizenden toeristen vrijwel allemaal alleen voor het Alhambra, het enig overgebleven Moorse paleizencomplex van Spanje.

Het Alhambra was oorspronkelijk een complete stad. Er woonden 40.000 mensen. Het gehele complex van Moorse paleizen, inclusief de heuvel en de wijk rondom het paleis, wordt nu het Alhambra genoemd. Het Alhambra bestaat in feite uit drie gedeelten: het Alcazabar, het Alcazar, ofwel Palacios Nazaries, en de Generalife. 
Het Alcazabar is het fort, het oudste gedeelte van het Alhambra. Een ruïne met oude muren en torens die een betoverend uitzicht geven. De hoogste toren is de Torre de la Vela, die na de verovering op de Moren meteen van een katholieke klokketoren werd voorzien.
Het Alcazar, ofwel Palacio Nazaries, is het eigenlijke paleizencomplex. Het is één van de wonderen van Spanje met een ongelooflijke aantal kamers en zalen in verbluffend goed bewaard gebleven moorse architectuur.
Het Generalife is het zomerpaleis en bestaat daarom voor het grootste gedeelte uit prachtig aangelegde tuinen met cypressen, buxushagen, sinaasappelbomen, vijvertjes, fonteinen, duizenden bloemen en prachtige uitzichten en doorkijkjes.
Een bezoek aan het Alhambra kan gemakkelijk een dag duren, maar Granada zelf is ook zeker een dagbezoek waard. Bezienswaardig zijn o.a. de kathedraal, het Palalcio de mandraza, het Karthuizerklooster La Cartuja en het Plaza San Nicolas met het mooiste panorama van de stad.